WATCHING MAGAZINE Nummer 3 // 2017
Nummer 4 verschijnt in december 2017

Artikelen

Image

Patek Philippe: Horloges voor de eeuwigheid

Tekst Elzemarie Karsdorp Foto's Patek Philippe

Voor veel horlogeliefhebbers betekent het bezit van een horloge van Patek Philippe het ultieme geluk. Het gerenommeerde Zwitserse merk wordt door veel mensen gewaardeerd vanwege de klassieke modellen met uurwerken van hoge kwaliteit. Een horloge van Patek Philippe schaf je echter niet alleen aan voor jezelf. Het zijn horloges voor de eeuwigheid.

Dinsdagmiddag in het Patek Philippe Museum. Er zijn slechts enkele bezoekers, maar die hebben dan ook alle ruimte om op hun gemak langs de vitrines te lopen waar het ene na het andere meesterwerk hen verrast. Het museum in Genève presenteert de naar eigen zeggen breedste en meest prestigieuze horlogeverzameling ter wereld en hiermee is waarschijnlijk geen woord teveel gezegd. Meer dan tweeduizend bijzondere horloges nemen de bezoeker mee op reis door vijfhonderd jaar Europese horlogegeschiedenis en door ruim 160 jaar Patek Philippe.

Om te begrijpen hoe Patek Philippe heeft kunnen uitgroeien tot het gerenommeerde merk dat het vandaag de dag is, kan je niet om het verleden heen. Het Patek Philippe Museum is wat dat betreft een uitstekend vertrekpunt. Het oude pand aan de Rue des Vieux–Grenadiers heeft sinds 1920 onderdak geboden aan horlogemakers en is sinds 1975 in bezit van Patek Philippe. Toen het merk enkele jaren geleden een nieuw onderkomen in de wijk Plan les Ouates in gebruik nam, kreeg het pand een nieuwe bestemming als museum.

Het Patek Philippe Museum brengt de rijke geschiedenis van het prestigieuze merk tot leven. In een authentieke werkplaats kunnen bezoekers meekijken hoe een horlogemaker met het vakmanschap van vroeger oude horloges nieuw leven inblaast. Er zijn oude machines en gereedschappen, een bibliotheek met meer dan vierduizend, vaak zeldzame, boeken en ook het kantoor van voormalig directeur Henri Stern heeft een plaatsje gekregen. Maar belangrijker nog: er is een uitgebreide collectie horloges waaronder unieke exemplaren waarvan de horlogeliefhebber slechts zelden in de gelegenheid zal zijn om ze eens in het echt te bewonderen.

artikel0107img02

Patek, Czapek en Philippe

De collectie van het Patek Philippe Museum begint met tijdmeters uit de periode 1500 – 1675. Er wordt ook uitgebreid stilgestaan bij het eind van zestiende eeuw toen veel getalenteerde, protestantse vaklieden het Frankrijk onder Charles IX verruilden voor het Calvinistische Genève. Uit de zeventiende en achttiende eeuw zijn er prachtige zakhorloges met miniatuurkunstwerkjes in email. Tegelijkertijd laat het museum zien hoe horloges steeds nauwkeuriger worden. Rond 1680 doet de secondewijzer zijn intrede en het horloge hoeft voortaan niet meer enkele malen per dag gelijk te worden gezet. In de jaren die volgen, groeit Genëve uit tot een toonaangevende stad op het gebied van horloges. Horloges uit Genève worden naar de verste uithoeken van de wereld geëxporteerd.

Tegen deze achtergrond vestigen in de eerste helft van de negentiende eeuw de Poolse immigranten Antoine–Norbert de Patek en François Czapek zich in Genëve. Gevlucht voor de Russische bezetting arriveert als eerste de zakenman Patek. Hij is een liefhebber van alles wat mooi is en van horloges in het bijzonder. Als enkele jaren later ook zijn vriend en horlogemaker Czapek zich in Genëve vestigt, besluiten de twee in 1839 samen een horlogemerk op te richten onder de naam Patek, Czapek & Cie. Het tweetal beseft dat in Genëve horloges van buitengewoon hoge kwaliteit worden gemaakt, maar zijn er desondanks van overtuigd de concurrentie aan te kunnen.

Het succes van Patek Philippe laat vervolgens niet lang op zich laten wachten, al heeft François Czapek hier uiteindelijk slechts een klein aandeel in. In 1845 besluit Czapek om alleen verder te gaan en enkele jaren later vindt Patek een nieuwe zakenpartner in de Franse horlogemaker Jean–Adrien Philippe. Het bedrijf gaat verder onder de naam Patek Philippe & Cie en bouwt al snel een uitstekende reputatie op.

Hoogtepunt in de vroege geschiedenis van Patek Philippe is de toepassing van een geïntegreerd systeem voor het opwinden en gelijk zetten van het uurwerk. Jean–Adrien Philippe presenteert dit systeem, dat het gebruik van een opwindsleutel overbodig maakt, voor het eerst op de wereldtentoonstelling in Parijs in 1844. Eén van de allereerste dragers van dit ‘sleutelloze’ horloge is de Britse koningin Victoria die ervoor valt tijdens de Crystal Palace Exhibition in Londen in 1851. Zij is echter niet de enige prominente persoonlijkheid die zich in de loop van de geschiedenis heeft laten verleiden door de horloges van Patek Philippe. Ook Leo Tolstoy, Marie Curie, Rudyard Kipling en Albert Einstein waren bewonderaars van het Zwitserse merk. Hun horloges zijn vandaag de dag te zien in het Patek Philippe Museum.

artikel0107img03

Master of Complications

Bijzonder zijn eveneens de vele, buitengewoon gecompliceerde horloges die Patek Philippe in de loop van de geschiedenis heeft gefabriceerd. Geen complicatie is het merk te ingewikkeld en de bijnaam ‘Master of Complications’ is dan ook meer dan verdiend. De fundering voor deze titel wordt gelegd aan het begin van de twintigste eeuw als twee horlogeliefhebbers met elkaar de strijd om het meest gecompliceerde horloge aangaan. De New Yorkse bankier Henry Graves Jr. en autofabrikant James Ward Packard geven Patek Philippe beiden opdracht om een horloge met zoveel mogelijk complicaties te maken. Dit leidt in 1916 tot de Packard met zestien complicaties, maar dit horloge wordt in 1933 overtroffen door de Graves die maar liefst 24 complicaties heeft.

Hoewel dit aantal complicaties zonder meer indrukwekkend te noemen is, was dit voor Patek Philippe nog niet genoeg. Ter gelegenheid van het 150–jarig bestaan in 1989 komt het merk met het Calibre 89. Dit meest gecompliceerde uurwerk aller tijden bevat maar liefst 33 complicaties en bestaat uit 1.728 onderdelen. Er is negen jaar onderzoek voor nodig geweest om het functioneren van kalender, chronograaf en slagmechanisme te perfectioneren. De combinatie met een groot aantal astronomische complicaties maakt dit horloge werkelijk uniek.

artikel0107img04

Onafhankelijk

Patek Philippe is vandaag de dag één van de weinige, nog onafhankelijke, familiebedrijven in de haute horlogerie. Dat is al zo sinds het in 1932 werd overgenomen door de broers Charles en Jean Stern. Op dit moment is de leiding in handen van Philippe en Thierry Stern, respectievelijk de derde en vierde generatie in het bedrijf. Onafhankelijkheid is belangrijk voor Patek Philippe. Het stelt het bedrijf in staat om geheel naar eigen inzicht horloges te ontwerpen, produceren en assembleren die naar het idee van Patek Philippe (en naar dat van vele anderen) de beste zijn die er bestaan. Daarbij kijkt het merk altijd naar de lange termijn en laat het zich niet leiden door kortstondige trends.

Patek Philippe is een echte manufacture, wat wil zeggen dat het alle stadia van de productie van een horloge volledig in eigen hand heeft, van design tot productie en van assemblage tot afwerking en distributie. Het bedrijf koestert tradities, maar laat zich inspireren door de toekomst. Het investeert veel in onderzoek en ontwikkeling en maakt gebruik van de nieuwste productiemethoden. Daarbij draait alles om kwaliteit. Om één horloge te produceren, worden 1.200 handelingen verricht. Het ontwikkelen van een nieuw uurwerk kost drie tot vijf jaar en voordat een horloge het pand verlaat, wordt in totaal zeshonderd uur besteed aan kwaliteitscontroles. Een horloge van Patek Philippe is gemaakt om nog lange tijd plezier van te hebben. Het merk legt er dan ook de nadruk op dat je eigenlijk nooit een Patek bezit, je past er hooguit op voor volgende generaties.

artikel0107img05

Collectie

Patek Philippe maakt horloges in beperkte oplages, uiteenlopend van vijf exemplaren tot enkele honderden. De collectie bestaat voor een groot deel uit klassiekers, modellen die vaak al decennia lang deel uitmaken van het aanbod en zich inmiddels al meer dan bewezen hebben. Een oude bekende in de collectie van Patek Philippe is bijvoorbeeld de Gondolo die zijn oorsprong heeft in het Braziliî van begin twintigste eeuw. Hier konden mensen in die tijd lid worden van de Patek Philippe Club. In de periode van 1902 tot 1930 namen de leden deel aan een loterij waarbij zij gedurende 79 weken wekelijks tien dollar inlegden. Deze vorm van ‘lotto–verkoop’ werd georganiseerd door de distributeur van Patek Philippe in Rio de Janeiro, Gondolo & Labouriau. Sindsdien is dit naar deze distributeur vernoemde model in vele gedaanten verschenen. Ook de Calatrava is een echte klassieker. Dit model werd in 1932 geïntroduceerd en is inmiddels niet meer weg te denken uit het aanbod van Patek Philippe. De naam van dit model verwijst naar het kruis van Calatrava. Dit symbool werd gebruikt door een ridderorde die in 1158 werd opgericht om te helpen de moren uit Spanje te verdrijven en die het ford Calatrava verdedigde.

Een klassieker van recentere datum is de Nautilus uit 1976. De Nautilus was een voor zijn tijd bijzonder horloge omdat het een eind maakte aan het beeld van een horloge als luxeartikel. Horloges waren tot die tijd veelal gemaakt van goud en tot veler verbazing was het juist het oude, gerenommeerde Patek Philippe dat als een van de eerste horlogemerken een stalen sporthorloge introduceerde. Vooral de extravagante vormgeving en de voor die tijd enorme kastdiameter van 42 millimeter waren opmerkelijk. En dan is er nog de Aquanaut die in 1997 werd gelanceerd. Hoewel een relatieve nieuwkomer tussen de vele klassiekers in de collectie van Patek Philippe, past dit model perfect in de collectie. Het combineert elegantie en technische perfectie en valt op door een tijdloos ontwerp.